UNETO-VNI

Klimaatakkoord biedt installatiesector volop kansen

Nieuws - 10 jul 2018

Duurzame technologie gaat een sleutelrol spelen bij het op grote schaal energiezuinig maken van woningen en gebouwen. Dat blijkt uit het Klimaatakkoord op hoofdlijnen dat Ed Nijpels vandaag heeft gepresenteerd. UNETO-VNI heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan de totstandkoming van deze plannen waarin installatietechniek bepalend is voor het behalen van de uiteindelijke doelstelling: een CO2-neutrale gebouwde omgeving in 2050.

Groene toekomst

Vicevoorzitter Claudia Reiner heeft namens UNETO-VNI de onderhandelingen gevoerd voor de gebouwde omgeving: ‘Vanuit de installatiebranche hebben we een belangrijk stempel kunnen drukken op dit Klimaatakkoord. Een groot aantal van onze voorstellen is overgenomen. Dit akkoord laat zien dat bedrijven in onze sector het verschil gaan maken. Dat is belangrijk voor de continuïteit en groei van onze bedrijven én voor de groene toekomst van ons land.’

Warmtepomp

Ambitieus

Het Klimaatakkoord op hoofdlijnen is ambitieus en biedt de installatiebranche volop kansen: doelstelling is om tot 2021 100.000 corporatiewoningen gasloos te maken. Ná 2021 moet dit tempo omhoog naar 200.000 woningen per jaar. In totaal moeten 8 miljoen woningen, kantoren, winkelcentra, scholen en zorgcentra worden verduurzaamd.

Mede dankzij de inzet van UNETO-VNI komt er een gebouwgebonden financiering en een verschuiving in de energiebelasting die verduurzaming financieel aantrekkelijker maken.

Warmtenetten, collectieve of individuele (hybride) warmtepompen zullen in de toekomst steeds meer woningen verwarmen. Dat betekent dat de aardgasgestookte cv-ketel als enige vorm van warmtevoorziening op termijn verdwijnt. Een norm voor de maximale warmtevraag van woningen gaat vaart geven aan de toepassing van hybride warmtepompen en zonneboilers. UNETO-VNI heeft regelmatig gepleit voor dergelijke maatregelen.

De hoofdlijnen van het Klimaatakkoord


Wijkaanpak

Uiterlijk in 2021 stellen gemeenten vast op welke termijn wijken worden verduurzaamd. Voor wijken die vóór 2030 worden aangepakt, moet al in 2021 bekend zijn wat de toekomstige warmtevoorziening zal zijn. Dat kan een warmtenet zijn, een collectieve warmtepompinstallatie, maar ook een hybride verwarmingssysteem.

UNETO-VNI heeft aangedrongen op deze gefaseerde aanpak. Die biedt leden de gelegenheid om zich voor te bereiden op de adviesfunctie naar klanten en hun monteurs bij te scholen voor duurzame technieken. Installateurs kunnen hun kennis ook inbrengen in de besprekingen met gemeenten en netbeheerders.

Financiering

UNETO-VNI wil investeringen in duurzame verwarming aantrekkelijker maken. Dat is gelukt. Onze voorstellen hiervoor, zoals een verschuiving van de Energiebelasting en het mogelijk maken van gebouwgebonden financiering, zijn terug te vinden in het Klimaatakkoord. Met deze maatregelen wordt het aardgasvrij-ready maken met hybride warmtepompen (en isolatie) financieel haalbaar.

Verschuiving in de Energiebelasting

Om de overstap op duurzame verwarming te stimuleren, gaat de energiebelasting op aardgas stapsgewijs omhoog, terwijl de belasting op elektriciteit omlaag. Zo verdienen (hybride) warmtepompen of warmtenetten zich sneller terug.

Gebouwgebonden financiering

Voor particuliere woningeigenaren moeten investeringen in verduurzaming betaalbaar worden. Gebouwgebonden financiering gaat hieraan een bijdrage leveren. Bij deze vorm van financiering is de lening voor verduurzaming verbonden aan de woning en niet aan de bewoner. Dat betekent dat de resterende schuld automatisch overgaat op de nieuwe eigenaar. Terugbetaling van de lening wordt afgestemd op de maandelijkse energiebesparing en de levensduur van maatregelen.

Normering voor gebouwen en installaties

De partijen uit het Klimaatakkoord hebben de voorstellen van UNETO-VNI overgenomen om normen op te stellen die de energiezuinigheid van woningen en gebouwen verbeteren.

Utiliteitsbouw

Er komt een norm voor zowel commercieel als maatschappelijk vastgoed. Voor gebouwgebonden energieverbruik komt er een norm op basis van het energielabel en zoveel mogelijk gebaseerd op het werkelijk verbruik (kWh/m2). Hier heeft UNETO-VNI zich hard voor gemaakt. Voor niet-gebouwgebonden energieverbruik geldt een norm binnen het Activiteitenbesluit binnen de Wet Milieubeheer. De komende tijd wordt op aandringen van UNETO-VNI een data-stelsel opgezet om per sector inzicht te krijgen in het verbruik.

Woningen

Om de toepassing van onder meer de hybride warmtepomp te stimuleren, komt er dankzij de inzet van UNETO-VNI een norm voor de maximale warmtevraag voor woningen. De norm wordt geïntroduceerd bij aankoop van de woning en bij een vergunningsaanvraag voor een verbouwing en zal gelden voor zowel koop- als huurwoningen. De norm is niet verplicht en wordt in 2025 geëvalueerd. Als de regeling niet voldoende oplevert, komt er mogelijk in 2030 een verplichting.

De aardgasgestookte cv-ketel als enige vorm van warmtevoorziening verdwijnt op termijn. Op korte termijn ligt de combinatie van de cv-ketel met een duurzaam alternatief voor de hand. Op de langere termijn zullen warmtenetten, collectieve en individuele warmtepompen steeds meer woningen verwarmen. In 2021 evalueren de partijen of het pakket aan stimulerende maatregelen -verschuiving van de Energiebelasting, gebouwgebonden financiering en technische ontwikkelingen- tot versnelde verduurzaming leidt. Als dit niet het geval is, kan dit aanleiding zijn voor dwingende maatregelen.

Duurzame warmte

Voor de energietransitie zijn alle vormen van duurzame warmtetechnieken nodig, waaronder duurzame warmtenetten, aquathermie (warmte uit oppervlaktewater), geothermie (bodemwarmte) en duurzaam gas. Dankzij de financiële maatregelen én schaalvergroting worden warmtepompen, bio-ketels, zonneboilers en zon-pv in combinatie met lagetemperatuursystemen op korte termijn al concurrerend met verwarmen op aardgas. Technische innovatie, ketensamenwerking en een gespreide aanpak moeten al in 2030 een kostendaling van 30 tot 50% van de systeemkosten opleveren.

Woningcorporaties als startmotor

UNETO-VNI is nauw betrokken bij de afspraak die met de woningcorporaties is gemaakt. Zij gaan als startmotor van de energietransitie in 2019 17.500, in 2020 30.000 en in 2021 55.000 woningen transformeren naar aardgasvrij. In ruil daarvoor verwachten de corporaties wel een aanzienlijke belastingverlaging.

Het nu gepresenteerde akkoord is op hoofdlijnen. Minister Wiebes laat de plannen deze zomer doorrekenen door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en het Centraal Planbureau (CPB). Eind augustus, begin september gaat deze doorrekening met commentaar van het kabinet naar de Tweede Kamer.

Na een debat in de Tweede Kamer gaan de onderhandelaars van bedrijven, overheden en maatschappelijke organisaties de maatregelen uitwerken. Uitvoering van de plannen gaat vanaf 1 januari van start.

Contactpersoon voor nadere informatie: Thomas Piessens, programmamanager Klimaat en Energie, t.piessens@uneto-vni.nl


Ook interessant voor u