26 juni 2012

Economische situatie bouw blijft zorgelijk

Economische situatie bouw blijft zorgelijk Minder opdrachten, lagere omzetten en een krimpend personeelsbestand in de bouw. Dat meldt het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB).
Minder opdrachten, lagere omzetten en een krimpend personeelsbestand. De pijnlijke gevolgen van de recessie worden steeds manifester, blijkt uit onderzoek van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) in opdracht van de brancheorganisaties in de bouw. De organisaties vragen de overheid er alles aan te doen om de woningmarkt weer vlot te trekken.
De negatieve ontwikkelingen zijn zichtbaar bij architecten, ingenieursbureaus en bouwbedrijven, maar ook bij schilders en installateurs. Bij architecten, ingenieursbureaus en schilders- en onderhoudsbedrijven zijn de orderportefeuilles het minst gevuld. Deze bedrijven hebben gemiddeld tussen de 4,1 en 4,3 maanden werkvoorraad. Bij bouw- en installatiebedrijven gaat het om respectievelijk 5,9 en 6,6 maanden werkvoorraad. 

Zie de verwachte ontwikkeling van de omzet en personeel in de bouw- en installatiesector. 

Dit leidt tot pessimistische verwachtingen voor de toekomst. Zo verwacht meer dan de helft van de architecten en installateurs een verdere omzetdaling. Gemiddeld over alle sectoren verwacht zo’n driekwart van de bedrijven dat de omzet de komende maanden gelijk blijft of afneemt.

De ontwikkelingen hebben hun weerslag op de werkgelegenheid. In alle sectoren zijn de bedrijven negatiever gestemd over de ontwikkeling van hun personeelsbestand. Vergeleken met eerdere metingen verwachten gemiddeld meer bedrijven een afname van hun personeelsomvang.

Sleutel voor herstel ligt volgens de brancheorganisaties UNETO-VNI, Bouwend Nederland, BNA, Fosag en NLingenieurs bij herstel van de woningmarkt. Duidelijkheid over de toekomst van de markt voor koop- en huurwoningen, bevorderen van beheer en onderhoud, maar ook het stimuleren van energiezuinigheid kunnen de markt weer op gang helpen.

Installateursvereniging UNETO-VNI ziet vooral veel perspectief voor de branche op het gebied van energiebesparing. Daarom pleit zij voor gunstige financieringsmogelijkheden voor verduurzaming, een laag btw-tarief voor onderhoud en renovatie en sanctionering van het energielabel.